FREQUENTLY ASKED QUESTIONS

De Orkney eilanden, net boven Schotland, dekken al hun energiebehoeften met hernieuwbare bronnen, in het bijzonder dankzij de energie die ze uit golfslag opwekken. De inwoners zijn er op eigen initiatief in geslaagd om onconventionele energiebronnen te ontwikkelen die zowel het milieu als hun, en die van de toekomstige generaties, omgeving respecteren. Dit maakt de Orkney-eilanden tot een symbool op vlak van energietransitie en duurzaamheid.

Deze symboliek inspireerde ons. Vanuit “Orcades”, de Latijnse naam voor de eilandgroep, in het Frans “Orcades” en in het Nederlands “Orkaden” kwamen we tot onze naam: Orcadia. Wie aan een eiland denkt, denkt direct aan de kust. En dus aan een vuurtoren die gidst en de stormen weerstaat. En zo kwamen we tot ons logo.

We hebben gekozen ons te focussen op het vermogensbeheer. We staan voor een doordachte invulling van de portefeuilles en een hechte band met onze klanten. Hiervoor worden alle aanverwante activiteiten uitbesteed. We denken hierbij onder andere aan de rol van deposito-houdende bank, de orderuitvoering, het administratief beheer van de sicav, financiële planning, interne audit, de boekhouding en de informaticabehoeften. Hierdoor kunnen we ons specialiseren in onze sterktes, aligneren we onze belangen met die van onze klanten en onderhandelen we voor hen de best mogelijke voorwaarden.

In dit model is het zich bevinden in het midden van een ecosysteem, dat wereldwijd erkend is voor zijn competenties op vlak van beheer, een belangrijke troef. Door het zeer brede aanbod aan dienstverleners, zowel in aantal als in expertise, kunnen we de concurrentie maximaal laten spelen in het voordeel van onze klanten en dit zowel op vlak van kwaliteit als van prijszetting. En hét competentiecentrum in continentaal Europa op vlak van beheer is het Groothertogdom Luxembourg.

Pro memorie herinneren we er u aan dat er sinds 1 januari 2016 een automatische uitwisseling van gegevens is tussen de verschillende fiscale overheden binnen de Europese Unie.

We zijn een beheervennootschap met de Luxemburgse nationaliteit die haar diensten aanbiedt aan klanten die een rekening aanhouden bij een van onze deposito-houdende banken. Naar keuze van de klant in het Groothertogdom Luxemburg, in België of in Frankrijk. Zo laten we aan onze klanten de volledige keuzevrijheid over waar ze hun activa wensen aan te houden, wetende dat we ons in een omgeving bevinden waar er een internationale uitwisseling is van fiscale informatie.

We beschikken over de goedkeuring van de Commission de Surveillance du Secteur Financier (CSSF), de “financiële waakhond” van het Groothertogdom en genieten van de akkoorden van vrij verkeer van diensten in België en Frankrijk.

De notie van maatschappelijk verantwoorde beleggingen (SRI in het Engels) is de afgelopen jaren fors geëvolueerd. Oorspronkelijk ging het om het uitsluiten van bepaalde industrieën of bedrijven. We denken hier aan tabak, alcohol, wapens of kansspelen. Vandaag de dag is de aanpak verfijnd om een groter aantal factoren in rekening te brengen om te bepalen of een aandeel, een bedrijfsobligatie, een staatsobligatie of een ander financieel instrument een duurzaam en verantwoord karakter heeft.

De belangrijkste kritieken die er op maatschappelijk verantwoorde beleggingen worden geformuleerd zijn de volgende:

• Er is geen eenduidige definitie van wat maatschappelijk verantwoorde beleggingen inhouden.

Er bestaat effectief geen algemeen aanvaard label rond verantwoorde beleggingen en, a fortiori, geen controleorganisme dat verifieert of een zogenaamde verantwoorde belegging het werkelijk is. Verschillende SRI-werkwijzen zijn ontstaan. Zo zijn er diegene die zich baseren op sectoriële of normatieve uitsluiting, thematische strategieën, of een ESG-aanpak. Het is ESG - afkorting voor « Environnement », « Social » en « Gouvernance » - dat vandaag het meest gebruikt wordt. Hoewel er varianten zijn, gebaseerd op een brede of minder brede uitsluiting van bepaalde sectoren, blijft het basisprincipe dat van « best in class ». Per sector worden bedrijven geanalyseerd en de besten uit alle sectoren vormen samen het universum aan financiële instrumenten waarin wordt belegd. De belangrijkste indexleveranciers (MSCI, FTSE of S&P bij voorbeeld) hebben deze ESG-criteria ingevoerd.

• De gebruikte gegevens waarop de ESG-criteria worden geëvalueerd zijn vaak ontbrekend, partieel of onnauwkeurig.

Deze kritiek is gedeeltelijk terecht. Bij sommige ESG-indices behoorde Volkswagen tot het universum… tot aan de ontdekking van de fraude rond de uitstoot van schadelijke gassen! De evaluatoren hebben ver van alle informatie waarover ze idealiter zouden willen beschikken en dienen zich in veel gevallen tevreden te stellen met de officiële gegevens van de bedrijven. Daarenboven is het niet zelden zo dat de nodige informatie slechts met vertraging gekend is. Toch zijn we ervan overtuigd dat er verschillende redenen zijn die bedrijven aanmoedigen om de informatieverstrekking rond frequent gebruikte criteria te verbeteren. We denken hier aan het ontstaan van verschillende in SRI/ESG-criteria gespecialiseerde rating agentschappen (Vigeo, Ethibel, Sustainalitics, …), of ook aan de groeiende interesse van de financiële wereld. Zowel langs de kant van de leveranciers (MSCI, FTSE, S&P, Dow Jones, Bloomberg, Thomson Reuters, …) als langs de kant van de klanten. In 2014 steeg het door beleggers gebruikte gegevens van het ESG-type volgens Bloomberg met 74%

• Het huidige gedrag van een onderneming is geen garantie op zijn toekomstig gedrag.

Opnieuw een terechte kritiek, al was het maar omdat de cultuur binnen een onderneming soms op brutale manier wijzigt. We zijn ervan overtuigd dat de druk, uitgeoefend door zowel de publieke opinie als door verantwoorde beleggingen, bedrijven ertoe zal brengen om meer aandacht voor deze punten te hebben. Zij die reeds genieten van een goede ESG-score zullen, in een wereld die steeds meer oog heeft voor de maatschappelijke verantwoordelijkheid van de bedrijven, aangespoord worden deze te behouden.

Hoewel sommigen zouden durven vermoeden dat verantwoorde beleggingen leiden tot een mindere performance tegenover een “klassieke” belegging, is niets minder waar. Opgelet, een maatschappelijk verantwoorde beleggingsstrategie staat niet automatisch garant voor superieure beursprestaties. En al zeker niet als we kijken naar de keuze van een specifiek aandeel. Toch tonen verschillende studies, waaronder diegene die we hieronder aanhalen, aan dat in hun globaliteit “ESG-bedrijven” beter scoren zowel op performance als risicovlak. Uit deze studies; die verschillende landen, periodes, sectoren en activaklassen analyseren, kunnen we het volgende besluiten: “ESG-ondernemingen” hebben trouwere klanten (Bollen, 2007); ze genieten van een betere rating en kunnen zich goedkoper financieren (Bauer, Hann en Oikonomou, 2011); hun beursparcours leidt tot een beter return-risico koppel (Deutsche Bank Climate Change Advisors, 2012). Volgens Hoepner (2013) zorgt het opnemen van ESG-criteria bij de selectie van individuele waarden tot een betere diversificatie van de portefeuille en vermindert deze selectiemethode het neerwaarts risico. Daarenboven zijn ESG- ondernemingen globaal gezien minder blootgesteld aan reputatierisico’s ten gevolge van het uitbreken van een sociaal of milieuschandaal.

Vanzelfsprekend wensen we er u op te wijzen dat prestaties uit het verleden geen garantie zijn voor de toekomst.

De afwezigheid van diversiteit binnen de staf is zeker een zwakte. Het feit dat het door een samenloop van omstandigheden is, dat het initiële team van Orcadia uitsluitend uit mannen bestaat is op zich geen voldoende verantwoording. Dat de financiële wereld een mannelijk bolwerk blijft, en dat dit zich waarschijnlijk in onze professionele netwerken heeft vertaald is een evidentie, is ook geen bevredigend antwoord.

We werken dan ook, zowel intern als extern, aan een structurele correctie van dit onevenwicht. Een eerste stap was het benaderen van expertes voor onze studie- en begeleidingscomités.

ETFs zijn financiële instrumenten die gestructureerd zijn als een beleggingsfonds maar die gekocht en verkocht kunnen worden zoals beursgenoteerde aandelen. Hoewel dit soort beleggingen heel wat voordelen biedt binnen het beheer van een portefeuille, zijn er toch ook enkele nadelen.

Zwaktes

• Transactiekosten

ETFs zijn beursgenoteerd en bij aan- en verkoop worden er dus transactiekosten aangerekend, net zoals bij individuele aandelen of obligaties. Het volstaat dus om aandacht te hebben voor deze kosten. Indien het alternatief voor de ETF een beleggingsfonds is, bij voorbeeld een geïndexeerde sicav, dan dienen we de globale kost van de ETF, dus inclusief de transactiekosten, te vergelijken met die van de sicav.

• De bid-ask spread

Deze spread is het verschil tussen de beste aankoopprijs (ask) en de beste verkoopprijs (bid), waardoor we tot de naam bid/ask spread komen. De marktmaker, die voor liquiditeit zorgt in de ETF, wordt op basis van deze spread vergoed. We kunnen deze spread als een soort van “verhandelingskost” zien die bovenop de transactiekost komt. Het spreekt vanzelf dat deze kost ook in rekening dient gebracht te worden bij het vergelijken van een belegging via ETFs of via beleggingsfondsen.

• Het liquiditeitsrisico

Een liquide belegging is er een waarbij het mogelijk is om relatief snel te kopen of te verkopen en dit zonder de marktprijs de beïnvloeden. Indien een waarde weinig verhandeld wordt, dan kan de belegger problemen ondervinden om zijn positie te verkopen (of te kopen) indien deze belangrijk is tegenover de gewoonlijk verhandelde volumes. In het geval van een verkoop kan de effectief verkregen prijs een forse impact ondervinden van de intentie tot verkopen. Hetgeen de verkoop van de positie minder aantrekkelijk maakt. Met een beperkte liquiditeit moet de verkoper ofwel een fors lagere prijs accepteren, ofwel zijn verkoop spreiden over verschillende dagen. Hierbij verhogen natuurlijk de kosten en blijft hij onderhevig aan het marktrisico. Het omgekeerde geldt natuurlijk voor aankopen in weinig liquide waarden. Een goede indicator van de liquiditeit is de bid/ask spread: hoe hoger deze is, hoe minder liquide de waarde is.

• Het tegenpartijrisico

Om de performance van een index binnen een ETF te repliceren bestaan er verschillende manieren. Sommigen repliceren de index door de onderliggende waarden te kopen (fysieke ETF), anderen kopen een financieel actief en “swappen” de performance van dit actief tegen de performance van de index (synthetische ETF). Bij deze laatste is er dus een tegenpartij die op elk moment zijn engagement moet kunnen waarmaken. Waar er een tegenpartij is, is er dus een tegenpartijrisico, met name het falingsrisico van deze laatste.

Om volledig te zijn dienen we op te merken dat een fysieke ETF ook onderhevig kan zijn aan een tegenpartijrisico. Dit indien de ETF de onderliggende titels uitleent aan “shorters” (de shorter leent de titels tegen een vergoeding, verkoopt ze in de markt en hoopt ze goedkoper te kunnen terugkopen voor het einde van de lening).

• Distributie van dividenden

Bepaalde ETFs keren de gerealiseerde winsten uit. Voor fiscale redenen is dit niet altijd wenselijk. Daarenboven dient de belegger de uitgekeerde bedragen zelf opnieuw te investeren opdat zijn blootstelling aan de markten niet zou wijzigen.

Voordelen

• Toegang tot een zeer groot aantal markten of deelsegmenten van markten

Er bestaan ETFs op een groot aantal aandelen- en obligatiemarkten. Dit zowel in de ontwikkelde als in de opkomende markten. Bovendien maken ETFs het ook mogelijk om op een gediversifieerde manier toegang te verkrijgen tot meer specifieke deelsegmenten van de markt. We denken hier bijvoorbeeld aan small caps of aan high yield obligaties.

• Lage beheers- en structuurkosten

Gemiddeld gesproken zijn de recurrente kosten van ETFs significant lager dan die van actief beheerde fondsen en normaal gezien ook lager dan die van indexfondsen.

• Een grote flexibiliteit in het beheer

ETFs zijn doorlopend verhandelbaar op de financiële markten. Hierdoor kunnen we gedurende de beursdag kopen en verkopen aan een onmiddellijk gekende prijs. Dit is niet het geval bij een beleggingsfonds zoals een sicav. Hier dienen we aan te geven dat we wensen te kopen of verkopen (inschrijving of terugbetaling van deelbewijzen) voor een bepaald uur zonder de prijs te kennen. Deze prijs, de netto inventaris waarde, wordt immers pas berekend op het einde van de dag, na het sluiten van de markten.

Daarenboven kunnen ETFs, aan de marktprijs, of met een stop-loss of stop-profit worden verhandeld. In bepaalde gevallen bestaan er opties op de onderliggende ETFs.

Conclusie

Aangezien we noch een promotor, noch distributeur van sicavs zijn (met uitzondering van de sicav met ons patrimoniaal compartiment) en al evenmin van ETFs hebben we niet het minste vooroordeel bij de keuze tussen deze twee types van beheerinstrumenten. Het feit dat we vooral beleggen via ETFs komt omdat deze oplossing ons het meest wenselijk lijkt voor onze klanten.

Door een gedeelte van de beheersvergoeding afhankelijk te maken van de performance verhogen we de alignering van uw en onze belangen. Voor de klant vermindert deze formule ook de marktschommelingen.

Binnen een discretionair beheer kan het risicoprofiel van een klant na verloop van tijd wijzigen. Dit heeft natuurlijk een invloed op de performance. Wat het onmogelijk maakt om op een bevredigende manier te berekenen welk deel van de performance enkel aan de beheerder te danken is, en dus om een correcte performance fee te bepalen. Daarenboven is het niet wenselijk dat het invoeren van een performance fee een rem zou vormen op het aanpassen van het risicoprofiel.

Dit is natuurlijk nog meer waar in adviserend beheer, waarbij de performance te danken is aan zowel beheerder als de klant.

Elk compartiment van een sicav daarentegen behoudt, tenzij er wijzigingen zijn in de statuten en het prospectus, doorheen de tijd hetzelfde risicoprofiel. Een klant die van profiel wenst te veranderen kan op elk moment de terugbetaling van zijn deelbewijzen vragen en het verkregen bedrag beleggen in een ander compartiment of in een andere belegging met het gewenste profiel.

Neen, we hebben bewust gekozen om geen titels uit te lenen of het nu om aandelen (“stock lending”) of obligaties (“bond lending”) gaat. Het uitlenen van titels is de basis van het “short selling” door bepaalde speculanten. Het mechanisme werkt als volgt: Leen voor een bepaalde periode titels bij een “gewone” belegger. Verkoop ze (hoewel men geen eigenaar is) in de hoop ze later, voor het einde van de lening, goedkoper terug te kunnen kopen. De speculatieve dimensie komt uit de verkoop zelf, die als doel heeft een neerwaartse spiraal op de aandelenkoers teweeg te brengen.

Binnen ons beheer zijn er dingen die we doen (“do’s”) en dingen die we niet doen (“don’ts”).

DO’s – dingen die we doen op vlak van beheer :

- Value driven
- Guided by a benchmark
- Asset Allocation (Equities/Bonds/Cash/Major currencies)
- Geographical allocation
- Market Cap size allocation
- Individual Stock & Bond picking
- Management of bond duration
- Credit Risk Management (focus on IG)
- Listed Real estate
- Low cost indexation (including futures)
- Selection of active funds
- Gradual investments
- Market risk Hedging
- Structured products (if not leveraged, not complex)
- Low turnover

DON’Ts : dingen die we niet doen op vlak van beheer

- Stocks or bond lending
- Hedge Funds
- Hybrid financial products
- Structured products with leveraged strategies
- Short strategies (net negative exposure on an asset)
- Private Equity
- Invest in not valuable assets

Onze aanpak is gebaseerd op een selectie van 23 indicatoren op milieuvlak, sociaal vlak en bestuursvlak (ESG). Hiervoor beschikken we over kwalitatieve informatie. De gegevens zijn afkomstig van gereputeerde instellingen zoals de Wereldbank, de Wereldgezondheidsorgansatie en de Verenigde Naties. We hebben 7 indicatoren weerhouden aangaande het milieu, 12 voor de sociale dimensie en 4 aangaande (deugdelijk) bestuur. Elk van de drie categorieën heeft hetzelfde gewicht.

- We passen onze analyse op basis van bovenstaande indicatoren toe op de belangrijkste emittenten van staatspapier, die deel uitmaken van de obligatie-indices. Dit zowel voor de ontwikkelde als voor de opkomende markten. Zo bestrijken we ongeveer 60 landen. Met supranationale en regionale emittenten wordt geen rekening gehouden.

- Bij Orcadia Asset Management beleggen we enkel in staatspapier waarvan de eindscore minstens 60% is van de score van het best geklasseerde land. Zo komen we tot een 30-tal landen, of ongeveer de helft van het initiële universum.

Ga naar boven